• Home
  • /Anticonceptie

Anticonceptie

Na de bevalling is het belangrijk weer na te denken over een vorm van anticonceptie. Je cyclus komt weer op gang. Wanneer dat gebeurt verschilt per persoon. Het geven van borstvoeding kan hier invloed op hebben, het duurt dan meestal langer voor je cyclus weer op gang komt. Borstvoeding geven beschermt niet tegen zwanger worden. Bedenk dat je altijd een eisprong hebt voor de menstruatie, je bent dus vruchtbaar voordat je de eerste keer weer ongesteld wordt.

De keuze voor welke vorm van anticonceptie je wilt gebruiken is natuurlijk erg persoonlijk. Hieronder staat een overzicht van de verschillende vormen van anticonceptie. Voor het verkrijgen van de meeste vormen van anticonceptie kun je bij de huisarts terecht. Lees bijsluiters altijd goed! Zie ook anticonceptie.nl

 

Anticonceptie bij borstvoeding

 

Mannen/ vrouwencondoom

Is een barrièremiddel. Beschermt bij goed gebruik goed tegen zwangerschap. Beïnvloedt de cyclus en borstvoeding niet. Beschermt ook tegen infectie. Geeft het lichaam tijd om te herstellen. Wel altijd gebruiken.

 
De borstvoedingspil: Cerazette.

Is oestrogeenvrij. Remt de ovulatie en maakt het baarmoederslijmvlies taai en daardoor bijna ondoordringbaar voor zaadcellen. Heeft geen effect op de kwaliteit en hoeveelheid borstvoeding. Moet elke dag ingenomen worden, er is dus geen stopweek. Heeft een veiligheidsmarge van 12 uur. Kan niet worden gebruikt om een menstruatie uit te stellen. Na een miskraam kun je er direct mee beginnen. Na een late miskraam (na 14 weken) of na de bevalling: start in de 4e week ( 21 – 28 dagen na de bevalling). Start je hierna, sluit dan een zwangerschap uit voordat je ermee begint en gebruik 7 dagen een barrièremiddel (condooms).

 
Mirena

Spiraaltje met lage dosis progestageen. Wordt 8 – 12 weken na de bevalling in de baarmoeder geplaatst. Voorkomt een eisprong en door een ontstekingsreactie van het baarmoederslijmvlies is geen innesteling mogelijk. Beperkt de beweeglijkheid van de zaadcellen. Geeft vaak een kortere menstruatie met minder bloedverlies. Geeft incidenteel infectie of perforatie van de baarmoeder of een buitenbaarmoederlijke zwangerschap.

 
Koperspiraal

Wordt na 8 – 12 weken in de baarmoeder geplaatst. Door een ontstekingsreactie van het baarmoederslijmvlies is geen innesteling mogelijk. Beperkt de beweeglijkheid van de zaadcellen. Kan toename van duur en hoeveelheid menstruatie geven. Geeft incidenteel infectie of perforatie van de baarmoeder of een buitenbaarmoederlijke zwangerschap.

 
Prikpil

Bevat voldoende hormonen om 12 weken tegen zwangerschap te beschermen. Kan een onvoorspelbaar bloedingspatroon en stemmingsverandering geven. Na het stoppen kan het wel een jaar duren voordat er weer een nieuwe cyclus terugkomt (en je weer zwanger kunt worden).

 
Implanon

Is een anticonceptiestaafje met gereguleerde hormoonafgifte. Geeft minder opbouw van het baarmoederslijmvlies, verdikking van het slijmvlies van de baarmoedermond en voorkomt de eisprong. Het staafje wordt onder de huid ingebracht en is 3 jaar werkzaam.

 
Sterilisatie

Dit is een permanente vorm van anticonceptie. Sterilisatie is een ingreep waarbij de zaadleiders bij de man of de eileiders bij de vrouw worden doorgesneden of afgebonden.

 

Overige anticonceptie (niet geschikt in combinatie met borstvoeding)

 

De combinatiepil

Remt de ovulatie en maakt het baarmoederslijmvlies taai en daardoor bijna ondoordringbaar voor zaadcellen. Wordt 3 weken ingenomen en daarna volgt een stopweek met een onttrekkingsbloeding (vaak minder dan een menstruatie). Na een miskraam kun je er direct mee beginnen. Na een late miskraam (na 14 weken) of na de bevalling: start in de 4e week ( 21 – 28 dagen na de bevalling). Start je hierna, sluit dan een zwangerschap uit voordat je ermee begint en gebruik 7 dagen een barrièremiddel (condooms). Braken en diarree kunnen de effectiviteit negatief beïnvloeden

 
Nuvaring

Wordt in de vagina ingebracht. Geeft hier rechtstreeks een lage dosering hormonen af en voorkomt zo de eisprong. Wordt 3 weken gebruikt daarna volgt een stopweek met een ontrekkingsbloeding. Na een miskraam kun je er direct mee beginnen. Na een late miskraam (na 14 weken) of na de bevalling: start in de 4e week ( 21 – 28 dagen na de bevalling). Start je hierna, sluit dan een zwangerschap uit voordat je ermee begint en gebruik 7 dagen een barrièremiddel (condooms).

 
Pleister Evra

Remt de ovulatie en maakt het baarmoederslijmvlies taai en daardoor bijna ondoordringbaar voor zaadcellen. Deze pleister plak je op je huid. 1 pleister per week voor 3 weken + 1 pleistervrije week. Braken en diarree beïnvloeden de effectiviteit niet.